vrijdag 9 oktober 2020

Druppels, spuitjes en ziektes


Katie2:

Ik ben in het mensenhuis geweest.

vieze achterkant
Ma Tok pakte me zomaar op toen ze klaar was in de tuin en ze nam me mee naar binnen. Het was daar lekker warm, maar ik houd er niet zo erg van om niet zelf te bepalen waar ik ga of sta. Ma Tok trok zich daar niets van aan, ze nam me mee een deur door en toen gingen we een trap op naar boven. 
Daar was pa Tok ook, hij zat in een boek te kijken, ma Tok zei dat dat lezen heette. Het zal wel. 
Ik werd in de keuken in een bak gezet waar water in kwam, lekker warm water, dat voelde ik met mijn voeten. Het was wel glad in die bak,
de anti-vliegen spray

maar ik werd goed vastgehouden, zodat ik niet uitgleed. Toen het water wat hoger kwam ging ma Tok mijn achterkant nat maken. 
Daar hingen allemaal klontjes poep aan, dat had ik al gevoeld, nu en dan trok het een beetje aan mijn veren. Er kwam ook een grote schaar aan te pas, de ergste klonten werden uit mijn dons geknipt en de rest werd verwijderd met water en de handen van ma Tok. Lekker voelde dat, ik werd helemaal schoon en daarna kwam er een zachte handdoek, waarmee ik heerlijk werd afgedroogd. 
En toen kwam er nog iets: ma Tok had een spuitbusje bij de dierenarts gekocht toen ze daar was met de doodzieke Jenny. 
Trui en Trees met Katie
Maar ik was toch niet doodziek? "Nee hoor," stelde ma Tok mij gerust, "dit is om te voorkomen dat je ziek wordt. Deze spuitbus zorgt ervoor dat er geen vliegen eitjes in je dons komen leggen en dan komen er dus ook geen larfjes in je cloaca." Oké, dat begreep ik, het was dus om mij gezond te houden. Ik liet me rustig inspuiten en toen ik weer wat was opgedroogd mocht
Jenny toen ze naar de dierenarts ging

ik weer naar de Tok-tuin. Daar kwamen Trui en Trees meteen op mij af. "Wat is er met je gebeurd daarbinnen?" vroegen ze nieuwsgierig. "Wij waren al bang dat je niet meer terug zou komen, net zoals dat gebeurde met Jenny." "Jenny kwam wel terug, ze is hier begraven in de tuin, weten jullie nog wel?" Ja, natuurlijk wisten ze dat nog, maar ze vonden dat soort terugkomen niet echt, kakelden ze en ik moest toegeven dat daar wel wat in zat. Ik vertelde wat er mij was overkomen in het mensenhuis en dat ik nu vast niet zo ziek zou
het anti-wormmiddel

worden als Jenny. Daar waren de twee mooie meiden blij om, ze vonden het juist altijd zo gezellig 's avonds met ons drieën in Soestdijk. 
Ma Tok was nog met iets anders in de weer, dat had ook met onze gezondheid te maken. Ze deed spul uit een flesje in ons drinkwater; nee, het waren geen vitamientjes, als die in het water gaan wordt dat helemaal geel en nu bleef het gewoon helder. Odette, die al oud is en dit al vaak heeft meegemaakt, kakelde dat het was om te zorgen dat wij geen wormpjes zouden krijgen. 
Nou, ik was net ingespoten met iets tegen maden dus ik dacht dat ik wel gewoon water te drinken zou krijgen, maar nee hoor, ik moest ook van dat bijzondere water gebruik maken. 
Dit zou om een ander soort wormen gaan, dus ik moest gewoon meedoen. 
Vooruit dan maar, al vind ik gewoon schoon water nog het lekkerste. 
Maartje moppert over het water
Kleine Maartje was dit met mij eens, ik hoorde haar piepen: "Mama, dit water vind ik niet lekker, ik wil gewoon water drinken." 
Pippa antwoordde dat dit nu even een paar dagen nodig was en dat er dan ook nog vitamientjes achteraan zouden komen, maar dat iedereen dan héél gezond zou zijn in de tuin. Maartje mopperde nog even maar even later stond ze gewoon van het water te drinken.

1 opmerking: